Eric Tabarly kwam al vroeg met het zeilen in contact. Zijn vader kocht in 1938 de boot Yum, gebouwd in 1898 door de Schotse scheepsbouwer William Fyfe III, en doopte ze om in Pen Duick, wat in het Bretons "zwartkopje" betekent. Tabarly zou later zijn boten Pen Duick blijven noemen.
In 1952 ging hij in dienst bij de Franse marine en werd piloot. In 1954 werd hij, met de graad van capitaine de corvette, voltijds gedetacheerd als zeiler om de wereldzeeën te bezeilen. Hij ontwierp de Pen Duick II, een ketch van 13,60 meter, om deel te nemen aan de OSTAR (Observer Single-handed Trans-Atlantic Race) van 1956, een solozeilwedstrijd tussen Plymouth (GB) en Newport (Rhode Island). Hij won de race, en werd hiervoor door generaal Charles de Gaulle benoemd tot ridder in het Legion d'honneur.
Met de Pen Duick III, een aluminium zeilboot van 17,45 meter uit 1966, zou Tabarly de meeste successen behalen, onder meer de Fastnet en Sydney-Hobart race in 1967.
In 1968 bouwde hij de Pen Duick IV, de eerste trimaran in aluminium(20 m), waarmee in 1974 de trans-Atlantische solozeilwedstrijd werd gewonnen. Dit betekende de doorbraak van de meerrompszeilschepen in het oceaanzeilen.
Tabarly won de OSTAR een tweede keer in 1976, aan boord van de Pen Duick VI. Na dit succes werd hij triomfantelijk ontvangen in Parijs en benoemd tot officier in het Légion d'honneur. In een poll van de sportkrant L'Équipe verkozen de lezers hem tot meest populaire sportman.
Voor zijn volgende boten moest Tabarly op zoek gaan naar commerciële sponsors, die hun naam eraan verbonden. De eerste was de Paul Ricard uit 1979, een aluminium trimaran van 16,5 meter. Met deze boot brak hij in 1980 het record van de Atlantische oversteek van west naar oost, dat al sinds 1905 op naam stond van de Schot Charlie Barr. Hij deed er tien dagen, vijf uur en 14 minuten over. In 1984 werd hij er derde mee in de trans-Atlantische solowedstrijd.
In 1997 werd hij samen met Yves Pallier, aan boord van de Aquitaine Innovations eerste in de categorie "éénrompsboten" in de trans-Atlantische wedstrijd voor tweepersoonsbemanningen tussen Le Havre en Cartagena (Colombia).
Tijdens de nacht van 12 op 13 juni 1998 werd hij op de Ierse Zee, tijdens een tocht naar Schotland aan boord van de originele, honderd jaar oude Pen Duick, overboord geslagen door een giek. Zijn lichaam werd na enkele dagen gevonden door vissers. Hij werd postuum benoemd tot commandeur in het Légion d'honneur.
Tabarly is een van de eerste zeilers die in 2007 zijn opgenomen in de ISAF Sailing Hall of Fame. In zijn vaderland was hij een echte ster. Naar hem is onder meer het Cité de la Voile Éric Tabarly in Lorient genoemd, een modern tentoonstellingsgebouw over het zeilen dat in 2008 is geopend.